Zoek het geheime bivak

10. January 2009 Frankrijk 0

Wild kamperen zonder kosmopolitische luxe? Welnee!

Geen twijfel over het vliegende tapijt dat rondjes komt draaien boven de tent, die we net hebben opgezet in dit dunbevolkte stuk Zuid-Frankrijk. Een vale gier. Het late licht schijnt door zijn veren.

Niet ver hier vandaan woont een kolonie op de hoogste richels van de Cevennen. Er is hier niemand. Wel ligt achter die heuvel een boerderij, waar honden blaften toen we er in een stofwolk voorbij reden.

En wat strijkt daar voor grijsbruins neer in die dorre boom? Is het een ruigpootbuizerd of een wespendief? Je weet het niet. Maar even eerder was boven het gesis van de gasbrander ‘een hoog fluitend kie-è’ te horen. Heel anders dan het ‘gemiauw’ van de buizerd. Wespendief, beslist Petersons Vogelgids.


boekenkrat

Die vogels doen er nu even niet toe. Wel dat je die gids gewoon kunt pakken uit een antiek houten Heineken-bierkratje. Dat gaat altijd mee op kampeervakantie en je kunt er een boek of twintig in kwijt. Die komen merendeels ongelezen weer thuis, maar het gaat om het idee.

Zo’n stevige voorraad boeken hoort bij de standaard kampeeruitrusting van ons gezin. Met onmisbare voedingsmiddelen als sherryazijn, kappertjes-op-zout, Worcestersauce en een paar soorten olijfolie. Je zal zonder komen te zitten terwijl je op een van de de ruige kalksteenplateaus van de Cevennen artisjokken wilt eten.

Gemakzuchtig survivallen

Je hebt kamperen en kamperen. Nee, geen kwaad woord over de camping. Maar hoe lang kun je badmintonnende buren of het geluid van slippers op weg naar het bloc sanitair verdragen? Geen kwaad woord ook over het elementaire wildkamperen.

titelpagina

Maar is survival eigenlijk niet een beetje te makkelijk? Op een berg je donzen bivakzak uitrollen zonder de kans dat er opeens een heer met een hagelgeweer naast je staat? Kant-en-klaar dineren uit een tube? Naar de sterren moeten kijken omdat in je rugzak geen plaats was voor een boek?

Maar wild kamperen is best met iets van kosmopolitisch comfort te combineren. Al heel lang. In de ban van een getrouwde Amerikaanse en onzeker over zijn ontluikende schrijverschap trok Robert Louis Stevenson in de herfst van 1879 door de Cevennen met een dwarse ezel als enige gezelschap.

Vier jaar later zou hij beroemd worden met zijn roman Schateiland, maar met Travels with a Donkey in the Cévennes schreef de Schot het klassieke buitenboek, het eerste waarin iemand voor zijn plezier buiten sliep.

In een op maat gemaakte slaapzak van waterdicht zeildoek, gevoerd met schapenvacht. Zo zwaar dat je er een ezel voor nodig had om hem te dragen. Daar kon dan mooi zijn voorraad lamsvlees, bolognesesaus, chocoladecake en brood voor mens en ezel bij. Met beaujolais voor de dorst en cognac voor de kou. En een revolver tegen de wolven.

Uitklapbare picknicktafel

Het laadvermogen van een fiets is vermoedelijk net genoeg, als de lat niet al te hoog ligt, maar een auto is natuurlijk het handigst. Al is er ook een bovengrens aan de luxe die je moet willen meenemen: wie een butagaskookmeubel of een uitklapbare picknicktafel bij zich heeft, laat zich sowieso kennen als campinggast.

En als je wil kan het – althans in de Cevennen – nog steeds met een pakezel. Daar kun je overal ezeltjes huren en, al dan niet met gids en al dan niet precies in Stevensons sporen, een paar dagen of langer rondtrekken. Van herberg naar herberg – de meeste hebben een stal – of in het wild kamperend, zoals Stevenson. Net buiten de gebaande paden, zo onzichtbaar mogelijk.

If the camp is not secret,
it is but a troubled resting-place

If the camp is not secret, it is but a troubled resting-place,’ schrijft hij. Dan is de kans het kleinst dat je gestoord wordt en beleef je het meest. Sterker, het vinden van een geheim bivak is het leeuwendeel van het plezier.

Dat begint altijd met een blik op de kaart. Die krul in de hoogtelijnen, als we dáár dat witte weggetje – wie papieren Michelinkaarten gebruikt weet nog waarover dit gaat, tomtom-navigators niet, en gelukkig maar – nu eens inslaan en bij dat plukje bos kijken! Het is geen wetenschappelijke methode, maar een soort feng shui. Je verlaat de hoofdweg, dan de B-weg en daarna is er meestal een karrespoor en nog een dat je volgt op je gevoel. Landleeskunde.

Als je geluk hebt, vind je net uit het zicht van die boerderij inderdaad dat ene weitje op het westen waar je in het laatste zonlicht de tent kunt neerzetten.

Geef die boer een glas

Is dit een ‘mannending’? Dat geloof ik niet. Het is wel cruciaal dat het hele gezin evenveel plezier beleeft aan iets wat strikt genomen verboden is.

Wacht met het opzetten van de tent wel tot het bijna donker is. Lees een boek, drink een glas, maak het diner. Mocht de boer in de tussentijd verschijnen, doe dan alsof je aan het picknicken bent. Jij wilt hier de nacht doorbrengen. Híj wil vooral weten dat hij geen zigeuners op zijn land heeft, die een jaar blijven. Draag daarom geen lila trainingspak. Geef die boer een glas en vraag dan achteloos of hij het goed vindt dat je hier de tent neerzet, pour une nuit.

Een egeltje komt met veel gesnuif en geslurp
’s nachts de afwas doen

Blijf ook vriendelijk lachen als je achter je hoort slobberen en blijkt dat de hond van de boer je koteletjes uit de pan heeft gegeten. Dan mag je zéker een nachtje blijven staan. Tien tegen één dat überhaupt niemand je lastig komt vallen, geen boer, geen agent, geen wilde dieren. Of het moet de koe zijn die ’s ochtends oorverdovend aan je tent staat te likken, of een egeltje dat met veel gesnuif en geslurp ’s nachts de afwas komt doen.

En vooral geen andere kampeerders, want als iets de illusie dat je iets unieks en moedigs verricht zou laten springen, is het nóg een auto met luchtig geklede inzittenden die hier hun De Waard-tent willen opzetten.


reizenbijlage 2009

Dit artikel verscheen in de NRC-bijlage Reizen [‘Een stiekem avontuur’, 10 januari 2009]. Robert Louis Stevensons Travels with a Donkey in the Cévennes is verschenen als Reis met een ezel door de Cevennen, uitg. Hoogland & Van Klaveren, met een voorwoord van Kees van Kooten.

Routebeschrijving van Stevensons tocht door de Cevennen voor wandelaars: Guide FFRP 700; Le sentier Stevenson; 250 km de sentiers, GR70, uitg. Fédération Française de la Randonnée Pédestre. Zie ook: www.gr70-stevenson.com. Parc National des Cévennes: www.cevennes-parcnational.fr/fr (kamperen in de centrale zone is verboden).

Tags: azijn, Cevennen, kamperen, Robert Louis Stevenson, wildkamperen

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *